De lijsttrekkers: Nico Werkman van Hogeland Lokaal Centraal


Geen luchtkastelen….                                                     Foto: Berto Merx

De tweede in de rij van de lijsttrekkers voor de komende verkieizingen van de gemeente Het Hogeland. Iedere lijsttrekker mag zelf drie onderwerpen aandragen en moet antwoord geven op de vraag: wie gaat dat allemaal betalen. In deze aflevering Nico Werkman, nummer 1 van lijst 8 Hogeland Lokaal Centraal.

Een charmante bungalo, zonlicht op het zuiden en het westen. De provinciale weg op afstand. Het is leeg in huis. Nico Werkman, lijsttrekker van Hogeland Lokaal Centraal, verkeert in een positie van transitie: tussen zijn oude woning en de nieuwe in Baflo. De tafel en stoelen voor de huiskamer zijn er. Enige andere dingen. Heel lege muren. Maar één ding hangt al wel: een glasmozaïek dat aan zijn periode van de gemeente Baflo herinnert, pré-1990.

De lijsttrekker van nummer 8 is een politiek dier. Sinds 1984 was hij actief in het CDA. Voor die partij werd hij in 1994 raadslid in Winsum; in 1999 zat hij op het pluche voor het CDA in de Provinciale Staten om in 2004 wethouder te worden in Winsum totdat in 2008 het College van B en W sneuvelde. Weer terug in de raad voor het CDA brak hij in 2015 met die partij. Met Arie Molenhuis die uit de – zeg het maar: kibbelende, vechtende, non-communicatieve, zo ongeveer – fractie van Gemeentebelangen was gestapt, vormde hij de groep Christen Democratie Winsum 2.0:  “De breuk met het CDA was terug te voeren tot slechte persoonlijke verhoudingen,” zegt Werkman.

Nico Werkman (62) is een damsport dier. “Ik dam 47 jaar, vanaf 1969. Ik heb nog tegen Jannes van der Wal gespeeld.” Twee keer provinciaal kampioen, in het bestuur van de Groninger bond waarvan hij op dit moment voorzitter is. Met de club in Baflo op nationaal niveau gespeeld. Dammen is mijn passie.” En hij is een sociaal dier. Als 32 jaar is hij nauw betrokken bij Dorpsbelangen Baflo. Voorzitter van de stichting die een uitvaartcentrum in het dorp exploiteert. En hij is berucht, vermaard of gevreesd bij wethouders en andere politieke tegenstanders als cijfer dier. Met het diploma MEAO op zak werd hij ambtenaar op financiën in gemeenten als Haren, Bedum, Baflo Winsum en op dit moment werkt hij als accountant bij de gemeente Groningen. Ja, geen wonder dat wethouders met financiën in de portefeuille zenuwachtig worden van Werkman.

De nieuwe partij Hogeland Lokaal Centraal heeft een 100 punten programma. “Precies 100, hoor, ik heb ze nog nageteld,” bezweert hij. “de kern van onze partij is dat we open staan voor iedereen. We staan dicht op de burger, we luisteren en doen er iets mee. We willen dat de burger méér zeggenschap krijgt.”

Mooi gezegd, dat zal iedereen in de politieke beau-monde van het Hogeland beamen.

Werkman: “Neem de Garnwerderweg en de verkeersituatie rond het sportpark dat er komt. De procedure loopt en bewoners komen te laat volgens de procedure. Het gemeentebestuur stelt dan: jullie zijn te laat, einde verhaal. Neem wat coulance in acht, geef mensen die in hun vrije tijd dit allemaal moeten volgen, zich er in moeten verdiepen even wat ruimte om hun punten in te brengen. En als daar zinnige dingen bij zitten, neem ze over, overtuig hun van wat niet kan en wel kan. Over de Garnwerderweg kwestie stelde de meerderheid van de raad: er is lang genoeg gesproken, we gaan nu beslissen. Het resultaat is dat die zaak bij de Raad van State is terecht gekomen en dat we dus in een juridische procedure verwikkeld raken. Als mensen de energie opbrengen om mee te denken en hun ideeën belanden als oud papier in de prullenbank, dan is dat heel slecht voor een gemeenteraad. En wat ook héél slecht is, is dat een wethouder gewoon niet in de inhoudelijk discussie is geïnteresseerd omdat hij weet dat zijn voorstel het toch wel zal halen. Dat is van: ‘Ik heb de koppen geteld en ik heb dus meerderheid.” Dit pikken mensen terecht niet meer. En dan gaan ze naar de rechter.”

Eerste hoofdpunt is bereikbaarheid en bedrijvigheid. Twee onderwerpen waar de gemeenteraad weinig invloed op kan uitoefenen.

Nico Werkman: “Wij willen géén grote, fantastische plannen die niet haalbaar zijn. Een plan als de verbreding van de Eemshavenweg dat rondzingt, daarvan willen we eerst een deugdelijke haalbaarheidsstudie. Is het echt nodig, wat kost het en hoe wordt het betaald? Dat moet je eerst weten voordat je er überhaupt mee begint. Voor de weg tussen Stad Groningen en Lauwersoog willen we voor het deel tussen Adorp en Ranum een snelle aanpak. Die weg is heel druk, en het aanleggen van rotondes in Sauwerd en Adorp levert daar geen oplossing voor. Dat is kruimelwerk. Die weg zou buiten de dorpen langs moeten gaan. De N361 is bij Mensingeweer om het dorp geleid en zie het resultaat: een snelle, veilige verbinding met Lauwersoog.

Je kunt bedrijvigheid en bereikbaarheid niet van elkaar los zien. We willen uitbreiding van de bedrijventerreinen in Winsum en Bedum. Dan moet je ook zorgen dat deze terreinen goed bereikbaar zijn. Als je erkent dat de agrarische sector een belangrijke peiler van de economie is, doe dan de verkeersdrempels en bloembakken op de weg zoveel mogelijk aan de kant. Voor de burgers zijn het ondingen maar ook voor de boeren en de hulpdiensten.”

Het verbeteren van het openbaar vervoer kost bakken vol geld. Het ov-wordt geregeerd door rendementen. Te weinig reizigers, dan verdwijnt de bus.

“Ik wijst erop dat de kernen met een treinverbinding minder snel vergrijzen dan die in De Marne. De aanwezigheid van een goede verbinding voorkomt dat mensen wegtrekken uit die dorpen vanwege de lasten van het woon-werkverkeer. Maak dat aantrekkelijker. We streven naar een station in Adorp. Leg bij de stations voorzieningen aan als goede fietsenrekken, P + R parkeerplaatsen, gewone parkeerplaatsen. Dat hoeft geen bakken vol geld te kosten. Dat zijn randvoorwaarden waar de gemeente veel aan kan doen. En dan de invloed. Jarenlang is er aan getrokken om de spoorlijn Roodeschool-Eemshaven voor elkaar te krijgen. Als je als gemeente meespeelt kun je wat voor elkaar krijgen. Een ander voorbeeld. Wij willen dat de Boogbrug weer open gaat voor eenrichtingsverkeer. Dat is goed voor de bereikbaarheid van de winkels in beide delen van de Hoofdstraat. Het is goed voor het publiek dat niet nodeloos door het dorp hoeft te karren om van de ene kant van de brug bij de andere kant te komen. Sterker nog, je moet over de N341 om aan de andere kant van de brug te komen. En ik zeg het erbij: wij blijven ons inzetten voor de verbinding Onderdendamsterweg-rotonde Ranum.”

De onplanbaarheid van bereikbaarheid en bedrijvigheid: een voorbeeld. Ooit stond een bord van de gemeente aan het begin van de Schouwerzijlsterweg met de oproep: wie bouwt hier een hotel? Dat kwam er niet, maar er kwam een bedrijventerrein De Aanleg. Op een paar uitzonderingen na is De Aanleg bijna een koopgoot geworden. De gemeente kocht het Sennema-terrein in het centrum, het resultaat is een jarenlang festivalterrein……..

“Wacht even….. Indertijd is het plan geweest dat op De Aanleg geen detailhandel zou komen. Dat was niet houdbaar en op grond van voortschrijdend inzicht is dat aangepast. Ja, je moet als gemeenteraad regels vast stellen maar als blijkt dat de wereld verandert, moet je die regels ook aanpassen. Niet klakkeloos, maar goed doordacht. Ik noem maar wat, mooie plannen worden doorkruist door economische neergang. En dan houdt het op. Realistische, goeddoordachte plannen die draagvlak bij de bewoners hebben, dat zijn de enige goede plannen.”

Het tweede thema: veiligheid.

“Geen coffeeshops binnen onze gemeente. Breder gezegd: aandacht voor de drugs- en alcoholproblematiek onder de jeugd. Voor de coffeeshops zal voor ons een nul-optie gelden. De aanwezigheid ervan trekt publiek aan en dus ook jongeren. De politie moet voor de inwoners beter bereikbaar zijn. Ook moeten de bijzondere opsporingsambtenaren beter en meer worden ingezet. En als het nodig is cameratoezicht plaatsen. We willen een veilige omgeving om te wonen, ook veilige uitgaanscentra en stations.”

Het derde thema: een sociale gemeente. Ook dit is toch een onderwerp dat als weerbarstig moet worden aangemerkt?

“Ja, sociaal beleid is een zeer lastig onderwerp. En toch moet het vol in de aandacht blijven. We moeten af van al die versnipperingen om mensen te steunen, dat strooien met 50 euro hier, een kleine regeling daar. Er moet een Hogelandpas komen waar toegang tot zoveel mogelijk activiteiten mogelijk wordt. Musea, clubs, kortingen, alles bij elkaar op één pasje. De Stadjerspas in Groningen functioneert uitstekend, daar hebben we de inspiratie vandaan gehaald. En het tweede punt is het versoepelen van het bijverdienen van mensen die in de bijstand zitten. Dit is een manier om de kans op werk te verbeteren.”

Tussen dromen en daden liggen praktische bezwaren en  gebrek aan geld. Wie gaat dit betalen?

“Wij hebben geen grote fantastische dure projecten. Geen luchtkastelen. Ik kijk kritisch naar de uitgaven en beoordeel ze op efficiëntie.”

Tekst en foto’s: Berto Merx

Bron: winsum.nieuws.nl, 21-10-2018